Volg ons

Keuzebeding in een huwelijkscontract als alternatief voor een glazen bol?

deel deze publicatie

Successieplanning is hip en trendy

 

Mensen worden om de oren geslagen met allerlei informatie waarbij de indruk wordt gewekt dat, als geen stappen worden ondernomen naar de volgende generatie toe, de gevolgen hiervan catastrofaal zullen zijn. Echter, veel van die stappen hebben een groot nadeel: de gevolgen zijn definitief en onherroepelijk en laten geen flexibiliteit toe.

 

Nochtans is net die flexibiliteit, in veel gevallen, belangrijk en nodig om in te spelen op de concrete omstandigheden op het ogenblik van overlijden.

 

Immers, dat men komt te overlijden is zeker, maar niemand weet wanneer of in welke omstandigheden. Niemand heeft een glazen bol en op voorhand verkeerd ‘gokken’ kan verregaande gevolgen hebben in het kader van de twee spanningsvelden bij successie, het burgerrechtelijke (wie moet wat krijgen) en het fiscale (zo weinig mogelijk erfbelasting betalen).

 

Zo zal een jong koppel met piepjonge kinderen wellicht verkiezen dat zoveel mogelijk naar de langstlevende gaat, zodat deze -ongeacht de kostprijs- een zeker levenscomfort kan blijven genieten en het vermogen alleen kan beheren zonder om de haverklap naar de vrederechter te gaan om toestemming te vragen.

 

Omgekeerd zal de kersverse weduw(e)(naar) van een 90-jarig koppel die in een rusthuis verblijft, slechts voldoende geld wensen om het rusthuis en de medische kosten te betalen, en graag het overige vermogen verdelen over de kinderen, zeker als dit een besparing betekent op het vlak van erfbelasting. 

 

Gelukkig bestaan technieken die wel de nodige flexibiliteit bieden. Een van die technieken is het keuzebeding dat koppels, die gehuwd zijn met een huwgemeenschap in hun huwelijkscontract, kunnen inlassen.

 

Het keuzebeding laat de langstlevende toe om op het ogenblik van het overlijden van de eerstervende de huwgemeenschap te verdelen volgens de wensen van de eerst stervende. Op wat deze meer krijgt dan de helft, betaalt de langstlevende wel erfbelasting, maar de kinderen kunnen deze keuze niet aanvechten. Dit laat de langstlevende toe op dat ogenblik de concrete situatie te evalueren (jonge kinderen, vermogen op dat moment, fiscale gevolgen, …) en af te wegen wat voor hem/haar op dat ogenblik primeert, erfbelasting vermijden of burgerrechtelijke bescherming.

 

Welke keuzes de langstlevende exact heeft, hangt uiteraard af van de keuzes die voorzien werden in dit keuzebeding, en dus van de redactie van dit beding. Meestal heeft de langstlevende de keuze tussen de verkrijging:

  • in volle eigendom
  • in vruchtgebruik
  • voor de helft in volle eigendom en voor de helft in vruchtgebruik

en dit apart te beoordelen zowel voor roerende als voor onroerende goederen van de huwgemeenschap.

 

Dergelijk beding kan bij de aanvang van het huwelijk in het huwelijkscontract opgenomen worden, maar kan perfect ook bij een latere wijziging van het huwelijkscontract ingelast worden. Tussenkomst van een notaris is wel altijd noodzakelijk.

 

De hieraan verbonden kost is relatief gering (zowel voor het opstellen van een huwelijkscontract als voor het wijzigen van een bestaand huwelijkscontract, blijven de aktekosten in principe onder de 800 EUR).

 

Het keuzebeding is aldus één van de weinige instrumenten waarmee, tegen een beperkte kost en met het behoud van de maximale flexibiliteit en bescherming, na het overlijden toch nog geoptimaliseerd kan worden.

 

Goed opgesteld, is een keuzebeding een mooi alternatief voor een glazen bol. 

 

Het is evenwel van belang dat dit beding goed geredigeerd wordt, zodat men zich bij de redactie ervan best laat bijstaan door een deskundige ter zake.

 

Indien je hierover meer informatie wenst, contacteer ons dan op het nummer 051 26 82 68  of via e-mail naar info@titeca.be.

Gerelateerde publicaties