Volg ons

Een tweede hand boven het hoofd van de bouwheer

deel deze publicatie

Een woning kopen, verbouwen of renoveren is vaak geen “walk in the park”. Om de bouwheer in zo’n gevallen te beschermen werd medio 2018 de verplichte verzekering voor de tienjarige aansprakelijkheid ingevoerd. Een nieuwe wet moet voormelde bescherming nu verder uitbreiden en voorziet in een nieuwe verzekeringsplicht voor de burgerlijke aansprakelijkheid van alle intellectuele beroepen in de bouwsector (namelijk architecten, ingenieurs, landmeters-experten, studiebureaus, certificatoren, auditors, projectmanagers, quantity surveyors, …).

 

 

1. Wat?

 

Om het toepassingsgebied van het tweede luik van deze hervorming te bepalen, volstaat het niet om te verwijzen naar de eerdere wet van 31 mei 2017 betreffende de verplichte verzekering van de tienjarige burgerlijke aansprakelijkheid in de bouwsector. Deze geldt immers enkel voor het uitvoeren van werken in onroerende staat aan woningen of appartementen waarbij het verplicht is een beroep te doen op een architect.

 

Het toepassingsgebied van de recente wet is echter ruimer en beoogt niet langer enkel de onroerende werken waarvoor de tussenkomst van een architect verplicht is. In dit licht werd in de nieuwe wet ook de voorwaarde van bewoning geschrapt uit het toepassingsgebied. De wet zal aldus van toepassing zijn op elke vorm van onroerende werken, of het nu gaat om een huis, een kantoorgebouw of een weg.

 

 

2. Wie?

 

Gezien de wet niet expliciet vermeldt op welke beroepen de verzekeringsplicht van toepassing is (“andere dienstverleners in de bouwsector”), zal steeds concreet moeten worden beoordeeld op basis van de uitgevoerde prestaties of de betrokken persoon aan de verzekeringsplicht wordt onderworpen. Vanaf het moment dat de dienstverlener in de bouwsector beroepsmatig aansprakelijk kan zijn wegens intellectuele prestaties die hij beroepshalve stelt of die door zijn aangestelden worden gesteld, is hij onderworpen aan de verzekeringsplicht. De memorie van toelichting stipuleert om deze reden duidelijk dat de aannemers, die louter een uitvoerende opdracht op zich nemen, buiten het toepassingsgebied vallen van de wet. Zoals bij de verzekeringsplicht van de tienjarige aansprakelijkheid worden de bouwpromotoren wel uitdrukkelijk uitgesloten uit het toepassingsgebied.

 

 

3. Verzekeringsdekking

 

Voor de duidelijkheid vermelden we nog eens dat de verzekering die door deze wet wordt beoogd, niet in dekking voorziet voor de tienjarige aansprakelijkheid van de bouwactoren. De verzekering zal de burgerlijke aansprakelijkheid dekken van de bouwactor en dit in ieder geval tot drie jaar te rekenen vanaf de dag dat de dienstverlener zijn activiteiten heeft beëindigd. Het gaat hierbij om fouten die door de bouwactor worden/werden gemaakt en waardoor schade is veroorzaakt, maar welke niet de stevigheid, de stabiliteit of de waterdichtheid van het gebouw in het gedrang brengen.

 

Als voorbeeld kan aangehaald worden: de fout van de stukadoor waardoor de bepleistering van het plafond loskomt en dit schade veroorzaakt aan de vloer van het gebouw.

 

 

4. Inwerkingtreding

 

Bovenstaande principes zijn gebaseerd op de tekst van de wet die op 25 april 2019 door de Kamer werd goedgekeurd. Met uitzondering van de bepalingen van het wetsvoorstel die een wijziging of verduidelijking inhouden van de wet van 31 mei 2017, wordt de inwerkingtreding van de wet verwacht op 1 juli 2019, exact één jaar na de inwerkingtreding van het eerste luik van de hervorming.

 

Indien je hierover meer informatie wenst, contacteer ons dan op het nummer 051 26 82 68  of via e-mail naar info@titeca.be.

Gerelateerde publicaties