In een steeds complexer wordend fiscaal landschap is een fout in de belastingaangifte snel gemaakt. Een vergissing in een bedrag, een vergeten document, onduidelijke regeling etc. De nieuwe programmawet wenst daarom in te voeren dat er niet automatisch een belastingverhoging van 10% wordt opgelegd bij een belastingplichtige die te goeder trouw heeft gehandeld.
Daarnaast wordt de belastingplichtige ook eenmaal de mogelijkheid geboden om het niet (of niet correct) aangeven van inkomsten recht te zetten zonder dat hieruit enig vervolging kan voortvloeien.
Eerste fout? Geen boete als je te goeder trouw bent
Context
Recent werden heel wat discussies gevoerd met de administratie, die uitgemond zijn in procedures bij het Grondwettelijk Hof, rond de toepassing van een belastingverhoging van 10% bij een eerste inbreuk te goeder trouw en het daaruit volgend verloren gaan van de aftrek van verliezen in de vennootschap. De administratie kon, maar was niet verplicht om bij een eerste inbreuk af te zien van deze belastingverhoging.
De nieuwe programmawet van de Arizona-regering maakt nu een einde aan deze discussie. Voor aanslagen die ingekohierd worden vanaf de publicatie van deze nieuwe wet in het Belgisch Staatsblad moet de administratie verplicht afzien van de belastingverhoging van 10% wanneer het gaat om een eerste overtreding die te goeder trouw werd begaan.
Bijkomend word je als belastingplichtige vermoed te goeder trouw te hebben gehandeld. Het is de administratie die zal moeten bewijzen dat de handeling gesteld werd met het oogmerk de belasting te ontduiken.
Wanneer handel je als belastingplichtige te goeder trouw?
Goede trouw betekent dat er een vergissing begaan is door een misverstand, zonder opzet of dat er een fout begaan is door de administratie. Een voorbeeld van goede trouw is het verkeerd aflezen van een attest en bijgevolg het verkeerde bedrag invullen.
Wat wordt dan niet aanvaard als goede trouw?
De toelichting bij de programmawet geeft als voorbeeld het bewust in aftrek nemen van kosten die je niet mag aftrekken of het verzwijgen van inkomsten terwijl u weet dat ze belastbaar zijn. Kan de administratie dus aantonen dat er geen sprake is van goede trouw, dan zal de belastingverhoging van 10% wel opgelegd worden.
Op de vraag of er al dan niet sprake is van goede trouw kan geen zwart-wit antwoord gegeven worden. De toelichting bij de wet geeft wel volgend voorbeeld: een belastingplichtige gebruikt 20% van de woning beroepsmatig. Stel dat er ingeschat en aangegeven wordt dat 30% van de woning beroepsmatig gebruikt wordt, dan kan dit (behoudens tegenbewijs) vermoed worden te goeder trouw te zijn. Stel dat er ingeschat en aangegeven wordt dat 80% van de woning beroepsmatig gebruikt wordt, dan kan de afwezigheid van goede trouw beargumenteerd worden door de administratie, aangezien dit om een te grote overschatting gaat van het beroepsmatig gebruik.
De keerzijde van de medaille: wat bij een volgende fout?
Tegenover het afzien van de belastingverhoging bij een eerste overtreding te goeder trouw staat dat bij een nieuwe overtreding te goeder trouw binnen de vier jaar een belastingverhoging van 20% opgelegd wordt. De eerste overtreding wordt dus mee opgenomen in de historiek van overtredingen van de belastingplichtige. Hiertoe zal de Arizona-regering, voor zoveel als nodig, het Koninklijk Besluit dat de schijven van de belastingverhoging bepaalt, nog aanpassen.
Bega je na verloop van vier jaar sinds de eerste overtreding opnieuw een overtreding te goeder trouw? Dan zal de eerste overtreding niet meetellen in de historiek. Dit betekent dat er voor deze nieuwe overtreding opnieuw beroep gedaan kan worden op het afzien van de belastingverhoging van 10%.
Opgelet bij de aanslag van ambtswege
Wanneer er geen aangifte ingediend wordt en de administratie dus zelf een aanslag moet opstellen (aanslag van ambtswege), dan kan er geen beroep gedaan worden op de goede trouw. Het is namelijk moeilijk denkbaar dat er nog steeds sprake is van goede trouw in het geval er een aanslag van ambtswege wordt opgemaakt, aangezien er herinneringen geweest zullen zijn voor de opmaak van de aangifte.
In bepaalde gevallen kan dit wijzen op een welbewust verhinderen van het fiscaal onderzoek. Er kan in dit geval dus niet afgezien worden van de belastingverhoging van 10%.
Heb je vragen over dit artikel?
Jouw klantverantwoordelijke staat klaar om je te helpen en proactief te adviseren.