De federale regering heeft in het regeerakkoord een reeks fiscale en sociale hervormingen aangekondigd. Ondertussen worden die plannen stilaan omgezet in concrete wetgeving, met directe gevolgen voor ondernemers zoals jij.
Wij volgen het op de voet
Laatste update: 17 december 2025
- Hieronder vind je een overzicht van de maatregelen die op til zijn en wat ze kunnen betekenen voor jouw onderneming.
- Opgelet: de maatregelen uit het begrotingsakkoord van 24 november 2025 zijn hier (nog) niet in opgenomen. Je vindt ze in dit artikel terug.
- Maatregelen die definitief tot wetgeving gestemd ✅zijn, worden hieronder aangeduid. Anderen zijn nog niet finaal gestemd en zijn dus nog geen wet.
Zodra er meer duidelijkheid is, vullen we dit artikel verder aan met gerichte info en verdiepende artikels waar je eenvoudig naartoe kan doorklikken.
Heb je vragen over bepaalde maatregelen?
Of twijfel je over de impact op jouw onderneming? Aarzel niet om je klantverantwoordelijke te contacteren!
1. Meerwaardebelasting op aandelen en beleggingen
Vanaf 1 januari 2026 geldt een nieuwe meerwaardebelasting op financiële activa (zoals aandelen, obligaties, crypto, ETF’s, beleggingsgoud en bepaalde verzekeringsproducten) voor natuurlijke personen onderworpen aan de personenbelasting en rechtspersonen onderworpen aan de rechtspersonenbelasting.
- Jaarlijkse vrijstelling tot € 10.000 (overdraagbaar tot max. € 15.000).
- Specifieke vrijstelling tot € 1.000.000 voor aandeelhouders met ≥20% participatie.
- O.a. pensioenproducten, schenkingen en erfenissen zijn vrijgesteld.
- Tarieven boven de vrijstellingen: 1,25% tot 10%, afhankelijk van de schijf.
- Lees ook: Akkoord over meerwaardebelasting: een overzicht van de nieuwe spelregels →
- Lees ook: Meerwaardebelasting: onze antwoorden op de meest gestelde vragen →
2. Wijzigingen in de vennootschapsbelasting
- DBI-aftrek (✅ gestemd – vanaf AJ 2026)
-
- Wordt hervormd naar een vrijstelling, met strengere voorwaarden voor grote ondernemingen.
- Lees ook: Strengere voorwaarden voor DBI-aftrek op ontvangen dividenden →
-
- DBI-bevek (✅ gestemd – vanaf AJ 2026)
- Er komt een afzonderlijke aanslag van 5% op het vrijgestelde deel van de meerwaarden op aandelen van een DBI-bevek of andere gereglementeerde beleggingsvennootschappen.
- Voor dividenden uitgekeerd door een DBI-bevek zal de verrekening van de roerende vooheffing voortaan enkel mogelijk zijn als de verkrijgende vennootschap een minimale bedrijfsleidersbezoldiging toekent aan één van haar bestuurders.
- Meer informatie lees je in dit artikel.
- Liquidatiereserve – Deel 1 (✅ gestemd – Toekenning dividend of betaalbaarstelling vanaf 29/07/2025)
- Wie vanaf 2026 een nieuwe reserve aanlegt, betaalt bij uitkering binnen 3 jaar 20% roerende voorheffing (RV), en 6,5% na 3 jaar.
- Voor reeds bestaande liquidatiereserves wordt een keuzestelsel voorzien tussen de oude regels of de nieuwe regels.
- Lees uitgebreide toelichting in dit artikel →
- Liquidatiereserve – Deel 2
- De roerende voorheffing op uitkeringen stijgt, zodat de totale belastingdruk op 18% komt.
- Belangrijk: uitkeringen van liquidatiereserves bij vereffening blijven vrijgesteld van roerende voorheffing.
- Lees ook: Stijging roerende voorheffing op uitkering van reserves: wat betekent dit voor jou? →
- VVPRbis – Deel 1 (✅ gestemd – Toekenning dividend of betaalbaarstelling vanaf 29/07/2025)
- Deze regeling blijft behouden, maar wordt licht aangepast om meer aan te sluiten bij de principes van de nieuwe liquidatiereserve.
- Zo zal bij een uitkering in de eerste 3 jaar steeds 30% roerende voorheffing verschuldigd zijn, in plaats van het huidige getrapt systeem.
- Lees uitgebreide toelichting in dit artikel →
- VVPRbis – Deel 2
- In de extra begrotingsmaatregelen werd beslist dat de roerende voorheffing bij uitkering verhoogt van 15% naar 18%.
- Lees ook: Stijging roerende voorheffing op uitkering van reserves: wat betekent dit voor jou? →
- Verlaagd tarief
- Verhoging vanaf 2026 van het minimumloon voor bedrijfsleiders van € 45.000 naar € 50.000 (+ indexatie) om in aanmerking te komen voor het verlaagde tarief in de vennootschapsbelasting (20% op de eerste schijf tot € 100.000).
- Verlies van het verlaagd tarief indien bedrijfsleidersbezoldiging voor meer dan 20% bestaat uit forfaitair VAA.
- Aftrekbaarheid van hybridewagens (✅ gestemd – Vanaf AJ 2026)
-
- Krijgen een fiscale heropleving, maar enkel voor zelfstandigen.
- Vennootschappen vallen uit de boot.
- Lees ook: Update: De comeback van de plug-inhybride: dan toch enkel weggelegd voor zelfstandigen →
-
- Investeringsaftrek: (✅ gestemd – Vanaf 2026 – 40% thematisch grote vennootschappen vanaf AJ 2027)
-
- De bestaande regeling wordt op bepaalde vlakken bijgeschaafd en vereenvoudigd.
- Lees ook: De vernieuwde investeringsaftrek vanaf 2025: wat verandert het Paasakkoord? →
-
- Exit-belasting in het geval van de emigratie van een rechtspersoon (✅ gestemd – Zetelverplaatsing vanaf 29/07/2025)
- Overige wijzigingen: los van bovenstaande zaken, zijn er nog tal van ‘kleinere’ ingrepen in de vennootschapsbelasting:
- Afschaffing van bepaalde vrijstelling o.a. bedrijfsvoertuigen (✅ gestemd)
- Wijziging in regeling voor groepsbijdragen
- Vereenvoudiging rond wegschenken van goederen
- …
3. Personeel
- Maaltijdcheques
- Mogen, vanaf 1 januari 2026 en na akkoord van de sociale partners, verhoogd worden tot € 10 per dag.
- In een latere fase kunnen ze worden verhoogd tot € 12 per dag.
- Andere cheques (zoals eco- en cultuurcheques) verdwijnen geleidelijk.
- Flexi-jobs
-
- Het maximum jaarinkomen (voor niet-gepensioneerden) stijgt naar € 18.000, het uurloon naar € 21.
- In een latere fase zouden de flexi-jobs uitgebreid worden naar alle sectoren.
- Lees ook: De toekomst van flexi-jobs: meer flexibiliteit en nieuwe opportuniteiten →
-
- Uitbreiding regeling rond overuren
- De huidige regeling voor relance-uren en fiscaal gunstige overuren, die afliep op 30 juni 2025, werd verlengd tot 31 december 2025.
- Dit zal nadien verder worden uitgebreid.
- Vanaf 2026 zullen er onder meer 240 bruto-netto overuren mogelijk worden.
- Er is nog geen zicht op wanneer men de nieuwe regeling zal invoeren.
- Lees ook: Uitbreiding en blijvende regeling voor gunstige overuren: wat na 31 december 2025? →
- Versterking van de RSZ-korting (‘structurele vermindering’) voor lagere lonen
- De bestaande RSZ-korting onder een bepaalde ondergrens wordt verder verhoogd.
- Deze korting wordt automatisch berekend en hoeft dus niet manueel aangevraagd te worden.
- Vrijstelling van de patronale RSZ-bijdragen boven een bepaald loonplafond
- Er zijn geen patronale bijdragen meer verschuldigd op het deel van het kwartaalloon dat een nog te bepalen grensbedrag overschrijdt.
- Deze maatregel geldt enkel voor de basisbijdrage, en niet voor bijzondere sociale bijdragen (bv. Asbestfonds)
- Het grensbedrag wordt automatisch met 2% verhoogd, telkens wanneer de loonplafonds van de werkbonus geïndexeerd worden.
- Studentenarbeid
- Wordt voortaan mogelijk vanaf de leeftijd van 15 jaar, voor zij die niet meer onderworpen zijn aan de voltijdse leerplicht.
- De urengrens voor studentenarbeid wordt opgetrokken tot 650 uur per kalenderjaar.
- Tijdskrediet-landingsbanen
- Er zijn strengere loopbaanvoorwaarden op komst.
- De toegang tot landingsbanen wordt de komende jaren aanzienlijk beperkt.
- Vandaag volstaan 25 loopbaanjaren om in aanmerking te komen. Die drempel stijgt binnenkort naar 30 jaar.
- Vanaf 2030 wordt minstens 35 jaar effectieve loopbaan vereist.
- Diverse wijzigingen
- Afschaffing minimale wekelijkse arbeidsduur
- De verplichte minimale wekelijkse arbeidsduur van 1/3de van een voltijdse tewerkstelling wordt afgeschaft.
- Beperking opzegtermijn
- Voor nieuwe arbeidsovereenkomsten vanaf 1 januari 2026 wordt de maximale opzegtermijn bij ontslag beperkt tot één jaar.
- Afschaffing algemeen verbod op nachtarbeid en versoepeling voorwaarden
- Zo zal er in de e-commerce en logistieke sector pas sprake zijn van ‘nachtwerk’ tussen middernacht en 5u ‘s ochtends.
- Verder zal er ook meer worden ingezet op bestrijding van sociale fraude.
- Afschaffing minimale wekelijkse arbeidsduur
4. Wijzigingen personenbelasting
- Uitbreiding ondernemersaftrek
- De bestaande aftrek voor ondernemingen voor eigen geïnvesteerde middelen wordt behouden en verdubbeld.
- Vereenvoudiging woonfiscaliteit (✅ gestemd – Vanaf AJ 2026)
- Quasi alle fiscale voordelen voor leningen voor niet-eigen woningen worden afgeschaft en vervangen door het federaal langetermijnsparen.
- Ook de federale interestaftrek voor tweede verblijven wordt afgeschaft.
- Voor de interestaftrek wordt geen alternatief voorzien.
- Diverse wijzigingen: daarnaast worden tal van andere ‘kleinere’ aanpassingen voorzien, zoals:
- Afschaffing van minder gebruikte vrijstellingen en aftrekken (✅ gestemd – Vanaf AJ 2026)
- Wijziging in aftrek van onderhoudsgelden (✅ gestemd – Betaald of toegekend vanaf 1 januari 2025 / 2026 / 2027)
- Wijzigingen in belastingvrije sommen voor kinderen ten laste (✅ gestemd – Vanaf AJ 2026)
- …
5. Werkloosheid en (langdurige) ziekte
- Werkloosheidsuitkeringen (✅ gestemd)
- Worden beperkt tot maximaal 2 jaar, met uitzonderingen voor 55-plussers en werknemers die een opleiding volgen in voorbereiding op een tewerkstelling in de kritische zorgfuncties (bv. verpleegkundige).
- De ‘eerste vergoedingsperiode’ (eerste 12 maanden) kan worden uitgebreid (‘tweede vergoedingsperiode’) met één maand per periode van beroepsverleden van 104 arbeidsdagen.
- Sinds 1 juli 2025 bevinden we ons in een overgangsperiode. De nieuwe regelgeving treedt volledig in werking vanaf 1 maart 2026.
- Beperking op ziekte zonder doktersattest vanaf 2026
- Vanaf 1 januari 2026 kan een werknemer zich nog maximaal twee dagen per jaar ziek melden zonder doktersattest, in plaats van de huidige drie dagen.
- Organisaties met minder dan 50 werknemers op 1 januari van het kalenderjaar waarin de arbeidsongeschiktheid zich voordoet, kunnen hiervan afwijken via een cao of het arbeidsreglement (zoals op vandaag ook al mogelijk is).
- De hervaltermijn voor gewaarborgd loon wordt verlengd van 14 dagen naar 8 weken
- Wordt een werknemer binnen die 8 weken opnieuw arbeidsongeschikt door dezelfde ziekte of hetzelfde ongeval, dan start er geen nieuwe periode van gewaarborgd loon.
- Medische overmacht: termijn verkort naar 6 maanden
- vanaf 1 januari 2026 kan de procedure medische overmacht al worden opgestart na 6 maanden ononderbroken arbeidsongeschiktheid, in plaats van de huidige 9 maanden.
- Nieuwe solidariteitsbijdrage vervangt responsabiliseringsbijdrage
- De responsabiliseringsbijdrage voor werkgevers met veel langdurig zieke werknemers verdwijnt.
- In plaats komt, vanaf 2026, een solidariteitsbijdrage van 30%.
- Kleine werkgevers zijn vrijgesteld, net als situaties waarin de werknemer progressief het werk hervat.
- Verplichte inschatting arbeidspotentieel en re-integratieverplichting
- Om werkgevers meer te betrekken bij het re-integratieproces, voert de regering een verplichte inschatting van het arbeidspotentieel in na acht weken arbeidsongeschiktheid.
- Volgt een positieve beoordeling, dan is de werkgever verplicht om na zes maanden arbeidsongeschiktheid een re-integratietraject op te starten.
- Eenmalig (beperkt) recht op uitkering na ontslag door werknemer
- Werknemer kan, één keer in zijn carrière, zelf ontslag nemen zonder zijn recht op een werkloosheidsuitkering te verliezen.
- Voorwaarden: op moment van het ontslag kan de werknemer minstens 3.120 arbeids- en gelijkgestelde dagen aantonen.
6. Pensioenen
- Solidariteitsbijdrage (✅ gestemd – Vanaf 1 juli 2027)
- De huidige variabele solidariteitsbijdrage van 0% tot 2% wordt vervangen door een uniform tarief van 2% op het volledige kapitaal.
- Daarnaast komt er een bijkomende bijdrage van 2% op het gedeelte boven € 150.000, waardoor dat segment in totaal aan 4% wordt belast.
- Minder indexering (✅ gestemd)
- De hoogste pensioenen worden niet langer volledig geïndexeerd.
- De indexatie van brutopensioenen vanaf een bepaald grensbedrag wordt beperkt tot 2% van het bruto minimumpensioen van een alleenstaande werknemer.
- Hervorming bonus-malussysteem:
- De pensioenbonus wordt hervormd tot een bonus-malussysteem.
- Vanaf 2026 krijg je een bonus van +2% per jaar als je na de wettelijke pensioenleeftijd blijft werken (nu geldt de bonus al vanaf het vroegst mogelijke pensioenmoment).
- Vanaf 2030 stijgt die bonus naar +4% per jaar.
- Tegelijk komt er een pensioenmalus: wie vóór de wettelijke pensioenleeftijd met pensioen gaat, ziet zijn pensioenbedrag dalen met 2% per jaar, en vanaf 2030 met 4%, tenzij je minstens 42 dienstjaren kan aantonen, waarvan minstens 35 halftijds gewerkte jaren.
- Zelfstandigen kunnen na wettelijke pensioenleeftijd verder pensioenrechten opbouwen
- Voorwaarde: wettelijke pensioenleeftijd bereikt, geen rustpensioen ontvangen en aan de slag blijven als zelfstandige in hoofdberoep.
- Ze worden automatisch onderworpen aan de minimale sociale bijdragen van zelfstandigen in hoofdberoep.
- Mogelijkheid tot opt-out.
- Uniforme pensioenleeftijd
- De lage pensioenleeftijden die voor bepaalde beroepen geldt (bv. militairen) worden geleidelijk opgetrokken naar de pensioenleeftijd die voor iedereen geldt.
- In 2029 zouden de leeftijden volledig gelijkgeschakeld zijn.
- Harmonisatie ambtenarenpensioenen
- De ambtenarenpensioenen zullen worden berekend op het loon van alle 45 loopbaanjaren (m.u.v. onderwijs en politie).
- Minimumaantal loopbaanjaren voor vervroegd pensioen wordt gelijkgetrokken.
7. Belasting op effectenrekeningen
(✅ omzetting gestemd – Vanaf 29/07/2025)
(nog geen stemming omtrent verhoging naar 0,30%)
De effectentaks wordt opgetrokken van 0,15% naar 0,30%. Ontwijking wordt strenger aangepakt. Bij omzetting of overdracht van effecten boven 1 miljoen euro gelden meldingsplichten en boetes bij niet-naleving.
Lees ook: Wijziging van de effectentaks: hoger tarief, nieuwe antimisbruikregels en uitgebreid toezicht →
8. Andere opvallende maatregelen
- Auteursrechten
- Ook software komt opnieuw in aanmerking voor het gunsttarief van 15%.
- Afbraak en heropbouw (✅ gestemd – Vanaf 01/07/2025)
-
- Het verlaagd btw-tarief van 6% wordt opnieuw ingevoerd vanaf 1 juli 2025, ook voor projectontwikkelaars.
- Lees ook: Afbraak en heropbouw aan 6% btw: alles wat je moet weten over de nieuwe regeling vanaf 1 juli 2025 →
-
- Btw op fossiele brandstoffen (✅ gestemd – Vanaf 29/07/2025)
- Btw op fossiele brandstoffen gaat naar 21%, net zoals installaties in woningen op fossiele brandstoffen.
- De btw op warmtepompen wordt daarentegen de komende 5 jaar verlaagd naar 6%.
- Lees ook: Btw-verhoging op verwarmingsinstallaties op fossiele brandstoffen: 8 veelgestelde vragen →
- Carried interest (✅ gestemd – Voor inkomsten die vanaf 29 juli 2025 worden betaald of toegekend)
- Inkomsten uit private equity worden belast aan 25%.
- Afschaffing automatische belastingverhoging 10% (✅ gestemd – Aanslagen ingekohierd vanaf 29/07/2025)
-
- Bij niet-aangifte, een laattijdige aangifte of een onvolledige of onjuiste aangifte wordt voortaan afgezien van een belastingverhoging (10%).
- Enkel van toepassing bij een eerste te goeder trouw gedane overtreding.
- Lees ook: Programmawet wil einde maken aan automatische belastingverhoging bij eerste fout te goeder trouw →
-
- Fiscale regularisatie (✅ gestemd – Vanaf 08/08/2025)
- Invoering van een permanente fiscale en sociale regularisatie-ronde voor zwart geld
- Maar ook voor wit geld dat vastzit in het buitenland en waarvan de afkomst niet meer kan worden bewezen is deze regularisatie doorgaans de enige uitweg.
- Lees ook: De fiscale regularisatie is terug: alles wat je moet weten →
Wil je weten wat deze maatregelen concreet betekenen voor jouw onderneming?
Aarzel niet om ons te contacteren. We beantwoorden graag jouw vragen. Veel van deze hervormingen treden in werking in 2025 of 2026, dus een goede voorbereiding is essentieel.
Let op: dit artikel biedt een overzicht van de aangekondigde hervormingen zoals ze momenteel gekend zijn. Verdere verduidelijkingen en uitvoeringsbesluiten volgen nog. We werken dit artikel bij naargelang er meer details beschikbaar zijn.